Hoe doen zij dat: Digitale toegankelijkheid bij de provincie Noord-Brabant
Hoe doen zij dat? Een begrijpelijke vraag, zeker bij iets belangrijks als digitale toegankelijkheid. Daarom geven we je graag een kijkje in de keuken van andere organisaties. Deze keer: een interview met Ed Giezenberg, projectleider digitale toegankelijkheid bij de provincie Noord-Brabant.
“Digitale toegankelijkheid is een vraag voor de hele organisatie. Niet alleen voor de afdeling communicatie”, begint Ed. “Wat ons heel erg helpt om digitale toegankelijkheid op de agenda te krijgen, is samenwerken met andere provincies. In het Interprovinciaal Overleg (IPO) wisselen we tips, vraagstukken en goede voorbeelden uit.”
Projectleider aanstellen
Ed is projectleider in de IPO-werkgroep die zich bezighoudt met digitale toegankelijkheid. “Als werkgroep geven we ook advies over oplossingen. Ons eerste advies: stel een projectleider in je provincie aan. Iemand die digitale toegankelijkheid onder de aandacht brengt en ruimte krijgt om dingen op te pakken.”
Dat hoeft een projectleider natuurlijk niet alleen te doen. “Je kunt niet alles tegelijk oppakken, dus moeten we vraagstukken op volgorde zetten van hoe belangrijk ze zijn. En hoeveel tijd het kost om ze op te lossen. Dat doe ik samen met een strategisch communicatieadviseur en een strategisch informatieadviseur.”
Intranet volop gebruiken

Om het belang van digitale toegankelijkheid maar onder de aandacht te brengen, legt Ed uit: “Inmiddels zijn er ongeveer 60 mensen uit zichzelf lid geworden van mijn intranetgroep. Ik plaats daarnaast minstens eens per maand iets op het intranet voor de hele organisatie. Mijn ervaring nu is dat dit ‘zendingswerk’ goed wordt opgepakt. Als er een vraag is over digitale toegankelijkheid, dan weet iedereen mij inmiddels te vinden.”
Meer dan alleen zenden
Trouwens, het is niet alléén zenden. “Ik vraag ook regelmatig iets. Bijvoorbeeld nu we bezig zijn met toegankelijkheidsonderzoek voor alle websites van de provincie Noord-Brabant. Dan plaats ik daar een update over en vraag ik of er nog websites in mijn overzicht ontbreken. Dat helpt, want er bleken een hoop websites te zijn die ik nog niet in kaart had gebracht.”
Iets anders wat volgens Ed op het intranet goed werkt: een poll uitzetten. “Bijvoorbeeld de vraag: aan wat voor kennis heb jij behoefte? Ik krijg daar veel respons op.” Veel vragen gaan over toegankelijke pdf’s maken, toegankelijkheidsonderzoek doen en zorgen voor een toegankelijkheidsverklaring.
Digital Insights Platform
Voor inzicht in welke websites er zijn en hoe goed die ‘scoren’ op het gebied van toegankelijkheid, is DIP een heel waardevol hulpmiddel voor Ed. “DIP staat voor Digital Insights Platform. Deze tool helpt me om overzicht te bewaren van alle websites die we als provincie gebruiken. Met DIP zie ik bijvoorbeeld direct welke websites wel en niet voldoen aan toegankelijkheidseisen. En per website kan ik ook gelijk het bijbehorende toegankelijkheidsonderzoek inzien. Je moet dit onderzoek dan wel even linken in DIP, maar dat is zo gebeurd.”
Het gebruik van DIP zit nog in de proeffase, licht Ed toe: “Ik wil DIP ook gebruiken om bij te houden wat de voortgang is per website in het voldoen aan wettelijke eisen voor toegankelijkheid. Zodat ik bijvoorbeeld vanuit DIP opdracht aan Swink geef om een toegankelijkheidsonderzoek uit te voeren. En dat Swink de onderzoeksresultaten vervolgens in DIP zet. Ik kan dan de bevindingen voor een website direct laten oppakken. En hopelijk zelfs op termijn met één druk op de knop de toegankelijkheidsverklaring in het register laten bijwerken.”
Dit is ook gelijk één van de ambities van Ed. “DIP moet de enige waarheid worden wat betreft digitale toegankelijkheid binnen onze organisatie. Maar het gaat verder dan dat: we hebben te voldoen aan de Wet digitale overheid. Digitale toegankelijkheid is daar een onderdeel van, net zoals dataveiligheid en privacy voor de gebruiker. DIP biedt ook hierin inzicht en ondersteuning.”
Zorg voor een accessibility-officer
Hoe wil de provincie Noord-Brabant verder werken aan digitale toegankelijkheid? “Een ander advies vanuit onze IPO-werkgroep is: stel een accessibility-officer aan. Dit advies is positief ontvangen door alle provincies. Je kunt zo’n rol klein invullen. Maar ons advies is, zeker bij grotere provincies, om hier een voltijd functie van te maken. Deze persoon kan dan een team samenstellen om digitale toegankelijkheid blijvend onderdeel te maken van alle processen.”
Een accessibility-officer heeft twee belangrijke taken: zorgen voor beleid én dit beleid (laten) uitvoeren. “Denk dus aan websites toetsen, zorgen voor actuele toegankelijkheidsverklaringen en maatregelen nemen om toegankelijkheid te verbeteren. We gaan kijken of we deze rol op dezelfde manier kunnen positioneren als een security-officer en privacy-officer. Want deze vallen nu al onder de verantwoordelijkheid van onze Chief Information Officer (CIO).”
Zet stapjes die je kunt herhalen
Heeft Ed nog een tip? Jazeker. “Digitale toegankelijkheid is huge. Het raakt de organisatie, processen, techniek, content en mensen. Hak grote vraagstukken op in kleine stukjes. Pak elke keer één vraagstukje op dat op dat moment relevant is. En zoek daar de juiste mensen bij, zoals een jurist, een inkoper of een formulierbouwer.”
En zet alleen stapjes die je kunt herhalen, benadrukt Ed: “Bijvoorbeeld: we hebben nu voor alle websites van de provincie afgesproken dat deze minstens eens per twee jaar worden getoetst op toegankelijkheid. We hebben nog geen centraal team dat dit kan oppakken, maar ik heb alle website-eigenaren wel bij de rapportages betrokken. Nu kan ik hen telkens de toegankelijkheidsonderzoeken geven en vragen om met de bevindingen aan de slag te gaan.”
Blijf op de hoogte van toegankelijkheid nieuws en trends.

