‘Participatiewet wordt Kafkaiaans doolhof’

Paul Malschaert, algemeen directeur van Swink: ‘Ik ben het helemaal eens met het interview met René Paas in Volkskrant van 5 april jl. onder de kop ‘Den Haag moet niet op elk incident reageren’.

Waar gaat het allemaal over: we willen als samenleving meer mensen met afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk hebben. Swink doet dat als geen ander: 2/3 van onze medewerkers zitten in het autistisch spectrum. Wij leiden mensen op tot content specialisten richting content beheer en/of richting content marketing. Met onze talentvolle medewerkers bieden wij een breed dienstenpakket aan op het gebied van online marketing. Om organisaties te stimuleren mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan werk te helpen, is de Participatiewet in het leven geroepen. Goed initiatief, maar in de uitvoering bijna niet te doen.

Waar wringt de schoen (en ik beperk me tot onderstaande 2 voorbeelden):

  • Een paar van onze medewerkers staan niet als Wajonger ‘ingeboekt’. Hiervoor hebben ze bewust gekozen, omdat ze geen aanspraak willen maken op deze uitkering. Als gevolg daarvan krijgen ze geen enkele tegemoetkoming, maar mogen daardoor ook niet meegeteld worden in het ‘Quotum’ van de Participatiewet. En dat is iets waar wij juist een belangrijke toegevoegde waarde kunnen leveren aan onze klanten. Onze klanten mogen de inzet van onze mensen meetellen in hun Quotum. Volgens de Participatiewet moeten medewerkers echter als Wajonger geregistreerd staan om mee te tellen in het Quotum. Dat betekent dus dat de huidige regelgeving erop aanstuurt dat onze medewerkers altijd een Wajong-uitkering moeten aanvragen. Er is geen waardering voor het feit dat ze dat nou juist niet willen. Dat kan niet de bedoeling zijn.
  • De Participatiewet was bedoeld als een alles overkoepelende regeling. Klinkt te mooi om waar te zijn en helaas; het is ook niet waar. Je hebt nog steeds te maken met bijvoorbeeld de WIA. Een van onze medewerkers die te maken heeft met de sociale werkvoorziening en de bijstand, is afgekeurd voor de WIA (1,5% tekort). Hierdoor krijgt hij geen no risk-polis terwijl hij een ‘chronische pijn patiënt’ is. We willen hem een contract aanbieden maar zonder no risk is het te riskant voor ons. Als werkgever ben ik nu afhanke­lijk van diverse instanties en tast ik in het duister over wat er nog meer nodig is om ervoor te zorgen dat onze medewerker gewoon weer aan het werk kan.

Ik begrijp dat er controles moeten zijn om misbruik van de regelingen te voorkomen. De regels die voor de controle moeten zorgen, lijken alleen niet meer aan te sluiten op het oorspronke­lijke doel. Daardoor ben ik ben ik hele dagdelen kwijt aan allerlei administratieve verplichtingen en gesprekken met de diverse instanties voor mijn medewerkers. Tijd die ik niet kan besteden aan mijn core business, die ervoor zorgt dat wij nog meer mensen met een afstand tot de afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk kunnen helpen. Alleen maar omdat wij als samenleving alles willen dichttimmeren en Kamerleden er als de kippen bij willen zijn om iets wat de pers haalt met ‘pek en veren’ te overgieten.

Resultaat

Het resultaat is dat ook een UWV inmiddels geen kant meer op kan, omdat ze vast in de regelgeving zitten. Je kunt geen case meer met ze bespreken of aan hen voorleggen, wat vroeger wel kon.

Laten we ons richten op het oorspronke­lijke doel en daarbij goed in de gaten houden waar dingen niet goed gaan en dan onderling tot oplossingen komen. Wij hebben met enkele collega social firms inmiddels een groepje gevormd om problemen onderling ‘op te lossen’ en als het niet lukt contact op te nemen met de gemeente of UWV of … (wie zal ik nog meer noemen…).

Om met René Paas af te sluiten: ‘Zelfs enthousiaste sociale werkgevers haken af’. Dat geldt niet voor Swink, maar ik word er als werkgever tureluurs van. Hope­lijk vinden we een uitweg uit Kafka’s doolhof, want we willen niet afhaken. Ons doel om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk te helpen, is daarvoor te mooi.’